Het antwoord verrast bijna iedereen aan wie we het voorleggen. Wij dachten het te weten, tot we onze eigen cijfers van twaalf maanden naast de brandstofprijzen legden. Wat eruit kwam, is precies het tegenovergestelde van wat we hadden verwacht — en het verklaart waarom veel kopers op dit moment een andere keuze maken dan het nieuws suggereert.
Je zou het logisch vinden. Benzine boven de €2,60 per liter, diesel richting de €2,80, en dus stappen kopers massaal over op elektrisch.
Wij kunnen die aanname toetsen. Das Import begeleidt elke maand honderden autoimporten uit Duitsland, en we registreren van elk project de aandrijflijn. Dat is geen enquête over voorgenomen gedrag, maar een registratie van wat mensen daadwerkelijk hebben gekocht.
Het antwoord is genuanceerder dan de vraag suggereert. En juist die nuance is interessant.

Het jaar begon al duurder. Per 1 januari 2026 liep de accijns op: ruim 5,5 cent per liter benzine en 3,5 cent per liter diesel, zoals vooraf was aangekondigd. Dat was op dat moment nog een beheersbare stijging.
Op 28 februari brak de oorlog in het Midden-Oosten uit. Wat volgde ging snel. De sluiting van de Straat van Hormuz haalde volgens de Europese Centrale Bank een aanzienlijk deel van het wereldwijde olieaanbod uit de markt.
De tijdlijn aan de pomp:
- 6 maart — de dieselprijs evenaart met €2,375 per liter het record uit 2022, meldt ANP. Diesel wordt harder geraakt dan benzine, omdat Europa relatief afhankelijk is van dieselimport. - 10 maart — diesel gaat voor het eerst boven de €2,50. - 17 maart — ook benzine breekt zijn record: €2,508 per liter, boven het oude record van €2,505 uit juni 2022, aldus UnitedConsumers. Voor het uitbreken van de oorlog stond benzine nog op €2,28. - 23 maart — diesel bereikt €2,682 gemiddeld. In twee weken tijd is de dieselprijs met bijna 60 cent gestegen. - 8 april — de dieselrecordprijs komt uit op €2,819, en eind april gaat benzine boven de €2,60. - 29 april — Brent-olie piekt op $118,03 per vat. De maandgemiddelde Brent-prijs komt in april uit op $117,29, tegenover $69,40 in februari, volgens cijfers van de Federal Reserve.
En toen draaide het. Zodra de markt geloofde dat er een akkoord aankwam, verdween de oorlogspremie razendsnel uit de olieprijs. Brent zakte tot ongeveer $72 aan het eind van juni: een kwartaaldaling van bijna 40 procent en daarmee de scherpste sinds 2020. Aan de pomp merkten Europese automobilisten dat in juni direct: diesel was 6,4% en benzine 4,2% goedkoper dan in mei.
In juli liepen de prijzen door nieuwe spanningen weer op. Op 23 juli stond benzine alweer op €2,632.
Kortom: geen rechte lijn omhoog, maar een piek in maart en april, een scherpe daling in mei en juni, en een nieuwe stijging in juli. Dat verloop is precies waarom onze cijfers zo bruikbaar zijn.
Hier is het aandeel volledig elektrische auto's in onze maandelijkse import, naast het aandeel benzine:
| Maand | Volledig elektrisch | Benzine | Situatie brandstofprijzen |
|---|---|---|---|
| januari 2026 | 20,0% | 20,5% | accijnsverhoging, verder rustig |
| februari 2026 | 27,4% | 15,8% | rustig, oorlog begint pas op 28 februari |
| maart 2026 | 22,5% | 22,0% | records diesel en benzine |
| april 2026 | 31,6% | 19,1% | dieselrecord €2,819, olie piekt |
| mei 2026 | 27,2% | 19,1% | prijzen nog hoog, olie begint te dalen |
| juni 2026 | 21,3% | 21,9% | prijzen dalen scherp |
| juli 2026 | 21,4% | 27,7% | prijzen lopen weer op |
Op kwartaalniveau is het beeld overtuigend: van 15,3% volledig elektrisch in Q2 2025 naar 26,7% in Q2 2026. Een stijging van 11,4 procentpunt in één jaar.
Maar kijk je per maand, dan zie je iets anders. Het elektrische aandeel piekt in april op 31,6% — ons hoogste maandcijfer ooit — en zakt daarna drie maanden op rij terug naar ruim 21%. Ondertussen klimt benzine in juli naar 27,7%, het hoogste niveau in dertien maanden.
Precies in de periode dat brandstof historisch duur was, ging het elektrische aandeel dus omhoog. En precies toen de prijzen daalden, ging het weer omlaag.
De verleiding is groot om te concluderen: dus tóch, hoge brandstofprijzen duwen mensen naar elektrisch. Zo simpel is het niet, om drie redenen.
Ten eerste loopt onze data achter op het nieuws. Tussen het moment waarop iemand besluit een auto uit Duitsland te halen en het moment waarop wij dat project registreren, zit tijd: oriënteren, vergelijken, een auto vinden, de aankoop rond krijgen. De aprilpiek weerspiegelt dus grotendeels beslissingen uit maart, de maand van de recordprijzen. En de lage cijfers van juni en juli weerspiegelen de periode waarin de prijzen juist scherp daalden en de dreiging leek weg te ebben. Met die vertraging in het achterhoofd valt het patroon opvallend goed samen.
Ten tweede past februari niet in het verhaal. Het elektrische aandeel sprong al naar 27,4% in februari, terwijl de oorlog pas op de laatste dag van die maand begon en de brandstofprijzen nog normaal waren. De opmars van de EV in onze cijfers was dus al ingezet vóórdat er ook maar één liter duurder werd. De oorlog heeft die beweging waarschijnlijk versterkt, maar hij is er niet de oorzaak van.
Ten derde is de onderliggende verschuiving een andere dan je zou denken. Het aandeel gewone benzineauto's is over het jaar gemeten nauwelijks veranderd: 18,9% in Q2 2025 tegenover 20,1% in Q2 2026. Er stapt dus geen leger benzinerijders over op elektrisch. Wat er wél gebeurt, is dat de plug-in hybride terrein verliest: van 60,0% naar 50,1%, en in juli zelfs naar 45,3%.
Dat is een veel logischer verhaal. De plug-in hybride was jarenlang het compromis voor wie elektrisch wilde rijden maar de actieradius niet vertrouwde. Nu er volop jong gebruikte volledig elektrische auto's uit Duitse leasecontracten vrijkomen, met een reële actieradius en een fors afgeschreven prijskaartje, valt de reden voor dat compromis voor steeds meer mensen weg. Bij hoge brandstofprijzen wordt dat argument alleen maar dwingender — een plug-in hybride die overwegend op benzine rijdt, is dan het duurste van twee werelden.
Eén ontwikkeling in onze cijfers laat geen ruimte voor twijfel: diesel verdwijnt.
| Periode | Aandeel diesel |
|---|---|
| Q2 2025 | 5,0% |
| Q3 2025 | 3,8% |
| Q4 2025 | 4,7% |
| Q1 2026 | 4,9% |
| Q2 2026 | 2,6% |
In mei 2026 kwam het aandeel diesel uit op 2,21%, het laagste dat wij ooit hebben gemeten. Van elke honderd auto's die wij importeerden, waren er nog maar twee een diesel. Een jaar eerder waren dat er vijf.
Bij diesel komen drie effecten samen. Aan de pomp werd diesel door de oorlog harder geraakt dan benzine, omdat Europa voor diesel relatief afhankelijk is van import. In de BPM geldt bovendien een dieseltoeslag van €114,83 per gram CO2 boven de 69 gram per kilometer. Die toeslag maakt de import van een dieselauto naar Nederland aanzienlijk duurder dan van een vergelijkbare benzineversie. Meer hierover lees je bij BPM berekenen voor een gebruikte importauto. En daar bovenop staat de verwachting dat dieselauto's de komende jaren sneller in waarde dalen, onder meer door milieuzones.
Voor wie werkelijk zeer veel kilometers maakt of zwaar moet trekken, kan diesel nog steeds de rationele keuze zijn. Maar het is een uitzondering geworden in plaats van een standaardoptie.
Als brandstofprijzen maar een deel van het verhaal zijn, wat weegt dan mee? Uit wat wij dagelijks van klanten horen, is dit de werkelijke afweging:
Brandstofprijs zit in dat rijtje, maar zelden op de eerste plaats.
Gebruik de filters hieronder en ontdek direct welke auto's er op dit moment in Duitsland beschikbaar zijn binnen uw voorkeuren en budget.
De ramingen lopen uiteen. Rabobank hield in juni rekening met een oliepiek rond $135 per vat en een benzineprijs die richting €2,82 per liter kan gaan. ABN AMRO gaat juist uit van normalisatie richting $80 per vat tegen het eind van het jaar, en J.P. Morgan verlaagde zijn raming eind juni naar gemiddeld $86 in het derde kwartaal en $78 tegen het jaareinde.
Met andere woorden: niemand weet het. En dat is meteen het belangrijkste praktische inzicht uit dit artikel.
Baseer je keuze niet op de brandstofprijs van deze week. Je rijdt een auto vijf tot tien jaar. De prijs aan de pomp is in 2026 binnen vier maanden met bijna 40 procent op en neer gegaan. Dat is geen basis voor een beslissing van tienduizenden euro's.
Reken met je eigen kilometers. Het verschil tussen benzine en elektrisch wordt pas echt groot boven de 20.000 kilometer per jaar. Daaronder wegen aanschafprijs, afschrijving en verzekering veel zwaarder.
Wees eerlijk over je laadsituatie. Dit is de belangrijkste vraag bij een elektrische auto, belangrijker dan het model. Kun je thuis laden, dan is een gebruikte EV op dit moment financieel vaak erg aantrekkelijk. Kun je dat niet, dan verdient een hybride of gewone benzineauto een serieuze overweging.
Kijk kritisch naar de plug-in hybride. Rijd je overwegend kort en kun je vaak laden, dan is het nog steeds een prima keuze. Rijd je vooral lange afstanden en laad je zelden, dan sleep je een accupakket mee dat je niet gebruikt en betaal je benzine over extra gewicht.
En als je diesel overweegt: reken het echt door. Inclusief BPM-dieseltoeslag, de hogere prijs aan de pomp en een voorzichtige inschatting van de restwaarde. In veel gevallen valt de rekensom anders uit dan verwacht.
Wat onze cijfers vooral laten zien, is dat autokopers minder impulsief reageren op het nieuws dan je zou denken. De grote verschuiving in onze import — van plug-in hybride naar volledig elektrisch — was al begonnen voordat de eerste raket viel, en zet zich met schommelingen door.
De oorlog en de recordprijzen hebben die beweging in maart en april zichtbaar versneld. Maar zodra de prijzen daalden, zakte het elektrische aandeel weer terug. Dat wijst erop dat de brandstofprijs eerder een versneller is dan een oorzaak.
Wij blijven deze cijfers elk kwartaal publiceren. Als het beeld in Q3 verandert, lees je het hier.
Twijfel je tussen benzine, hybride of elektrisch bij je volgende importauto? Onze adviseurs rekenen vrijblijvend voor je door wat een concrete auto uit Duitsland je in totaal kost, inclusief BPM en transport, en hoe die kosten zich over een aantal jaren verhouden tot de alternatieven.
Deels, maar minder direct dan vaak wordt gedacht. Het aandeel volledig elektrisch in onze import steeg van 15,3% in Q2 2025 naar 26,7% in Q2 2026, met een piek van 31,6% in april 2026, kort na de recordprijzen van maart. Maar de stijging was al vóór de oorlog ingezet, en toen de prijzen in mei en juni daalden, zakte het elektrische aandeel weer naar ruim 21%.
In juli kwam 27,7% van onze import op benzine te rijden, het hoogste percentage in dertien maanden. Dat volgt op de periode waarin de olieprijs juist scherp daalde en de brandstofprijzen tijdelijk normaliseerden. Omdat er tijd zit tussen de aankoopbeslissing en de registratie, weerspiegelt juli grotendeels keuzes die in mei en juni zijn gemaakt.
Voor de meeste kopers niet. Ons dieselaandeel halveerde bijna, van 5,0% naar 2,6%. Naast de hoge prijs aan de pomp speelt de BPM-dieseltoeslag van €114,83 per gram CO2 boven 69 g/km mee, en wordt een lagere restwaarde verwacht. Bij zeer hoge jaarkilometrages of zwaar trekwerk kan diesel nog steeds gunstig uitpakken.
Ja, en dat is de duidelijkste verschuiving in onze cijfers. Het aandeel plug-in hybrides daalde van 60,0% in Q2 2025 naar 50,1% in Q2 2026, en in juli 2026 zelfs naar 45,3%. Die auto's worden vooral vervangen door volledig elektrische modellen, niet door benzineauto's.
Voor een volledig elektrische auto geldt in 2026 alleen de vaste voet van enkele honderden euro's, zonder CO2-afhankelijk deel. Bij een gebruikte auto mag daar bovendien een afschrijvingskorting op worden toegepast op basis van de leeftijd. Dat maakt het verschil met een benzine- of dieselauto, waar per gram CO2 wordt afgerekend, vaak aanzienlijk.
Dat is een riskante strategie. De olieprijs ging in 2026 binnen vier maanden bijna 40 procent op en weer neer, en de ramingen voor de rest van het jaar lopen sterk uiteen. Belangrijker dan de dagprijs is de vraag welke aandrijflijn past bij je jaarkilometrage en je laadmogelijkheden, want aanschafprijs en afschrijving wegen over de hele bezitsperiode zwaarder dan de brandstofkosten.
Uit onze eigen projectadministratie. Das Import begeleidt maandelijks honderden autoimporten, waarbij per project de aandrijflijn wordt vastgelegd. Het is dus geen enquête of marktprognose, maar een registratie van gerealiseerde aankopen.